COLUMN

Het is zondag, onze kerkdienst is net afgelopen en samen met mijn man drink ik nog even een kopje koffie in het aangrenzende gebouw van onze kerk, voor ons speelt onze jongste met het Syndroom van Down onbezorgd met een paar leeftijdsgenootjes wanneer een van de dames uit onze kerk naast mij komt staan. “Zo, wat wordt hij groot zeg”, doelend op ons mannetje, “knap kereltje hoor”. Nog voor ik goed en wel “dankjewel” heb kunnen zeggen praat ze verder “jaah, kinderen met een afwijking zoals hij” knikkend naar mijn zoontje …. en ze praat verder. Ik ben al afgehaakt bij het woord “afwijking”. Ik hoor nog een paar keer het woord “afwijking” voorbij komen en ik mompel af en toe een sociaal gewenst “mmm” en “ja” terwijl mijn man subtiel de dame onderbreekt en aan mij vraagt of we naar huis zullen gaan. De dame in kwestie is ondertussen al met iemand anders in gesprek, zich nergens van bewust. 

 

Onderweg naar huis met een vrolijk keuvelend mannetje op de achterbank denk ik nog even na over het gesprek. “Afwijking”, wat is dat nu eigenlijk? Het woordenboek zegt; “anders dan de norm” maar wat maakt dat mijn zoontje anders is dan de norm? Zijn amandelvormige oogjes, zijn slipperteentjes of is het de doorgetrokken streep op zijn linkerhandje? En wie bepaalt die norm eigenlijk? De mensheid? En ik besef me dat mijn identiteit en ook die van mijn zoontje ligt in onze Maker.  

Hoe kostbaar zijn mij Zijn gedachten over ons, Hij die ons ontzagwekkend wonderlijk gemaakt heeft, Hij die zegt “het is zeer goed”, ja mijn zoontje is goed, zeer goed zelfs, niets afwijkends aan, hij is precies zoals God hem heeft bedoeld. Punt. En de dame in de kerk? Ik bid dat God haar de schoonheid van Zijn schepping laat zien juist in dat wat anders is dan de norm die door mensen is bepaald.

Door Sientje Kock

Ook leuk om te lezen

De lekkerste recepten van
Koken met Esther